Opel heeft zijn Astra en dus ook Astra Sports Tourer nog eens opgefrist. Spectaculair is het allemaal niet, al werden zowel de elektrische als de plug-inhybride varianten wel nog wat efficiënter en dus ook interessanter. Wij toerden een weekje met de Plug-in Hybrid rond, in breakvorm dus.
Waar is de tijd dat vooral compacte middenklassers als de Volkswagen Golf, de Ford Escort en de Opel Kadett in België het mooie weer maakten? De eerste moet het vandaag met aanzienlijk minder klanten stellen, de tweede werd herdoopt in Focus en is inmiddels uit de toonzalen verdwenen en de derde zet zijn carrière al een tijdje voort als Astra. Een echte kaskraker is dat in SUV-tijden natuurlijk ook niet meer, al blijft het wel nog altijd een van de uithangborden van het Duitse merk van de grote Stellantis-groep. De hatchback en de Sports Tourer gedoopte break delen hun platform, motoren en nog wel wat meer technologie met onder meer de Peugeot 308 en 308 SW, logisch dus dat de Opel kort na de opwaardering van de Franse auto’s ook nog eens onder handen werd genomen. We hadden het daar op Auto-info al eerder over, maar pikten er nu nog eens de Sports Tourer Plug-in Hybrid uit voor een nieuwe en veel grondigere kennismaking.

Scherper en technischer
De huidige Opel Astra is nog geen vijf jaar oud, maar dat is dus echt wel de leeftijd om een auto al eens naar de schoonheidssalon te sturen. Het leverde het Brusselse autosalon in januari 2026 een extra wereldpremière op, ook al gaat het bij zo’n tussentijdse facelift natuurlijk zelden om echt… wereldnieuws. Bij Opel hebben ze het over ‘scherper’ en ‘technischer’, maar het betreft hem zelfs voor het tweede toch vooral de looks en de verlichting. Zo kreeg het front een nieuw en hipper Vizor-design en een permanent verlicht Blitz-embleem. Als een soort hoogtepunt is er de eerder al op de Grandland ontdekte en bij de Astra voor de hogere uitrustingsniveaus beschikbare adaptieve Intelli-Lux HD-verlichtingstechnologie. Die bestaat uit meer dan 50.000 elementen en laat toe de lichtkegel digitaal en natuurlijk volautomatisch aan te passen aan de omstandigheden en dus ook noden van het moment, in de praktijk blijkt het vooral op bochtige en niet echt goed verlichte provinciewegen zijn nut te bewijzen.

Slimmere stoelen
Voor nog wat uiterlijke verschillen tussen ‘oud’ en dus ‘nieuw’ zorgen het ontwerp van de 17- en 18-duimsvelgen en de extra lakkleuren Kontur White en Klover Green, die contrastreren ook wel mooi met het (als optie) zwarte dak. In het interieur zijn er al vanaf de instapversie Intelli-Seats, dat zijn stoelen die met een ergonomische uitsparing in het midden de druk op het startbeen verminderen. Je kan ook nog gaan voor AGR-gecertificeerde stoelen met verwarming en massage en een elektrische verstelling.

Extra kilometers
Niet dat er nieuwe motoren zijn geïntroduceerd, maar er viel bij die Brusselse wereldpremière toch wel iets te melden over de aandrijving. Met de batterij van 58 kWh is de elektrische en 156 pk sterke Astra-variant tussen twee laadbeurten nu goed voor een (maximaal) rijbereik van 454 kilometer, dat zijn er 34 meer dan voordien. De auto is er voor het eerst ook met V2L- of dus Vehicle to Load-technologie, daar kan je “op verplaatsing” ook externe apparaten van energie mee voorzien. De Astra laat zich natuurlijk ook nog bestellen als 145 pk leverende Hybrid van het mild-hybride type én dus ook als Plug-in Hybrid met 196 pk. Voor de volledigheid, de Opel is er ook nog altijd met een heel klassieke diesel van een eerder bescheiden 130 pk.

Weinig benzine
De Plug-in Hybrid, daar willen we het hier dus vooral over hebben. Die variant combineert een drukgevoede 1.6 op benzine met een elektromotor die door een batterij van 17,2 kWh van energie wordt voorzien. Ze had voordien maar een capaciteit van 12,4 kWh, de ‘groei’ en evengoed de efficiënt werkende remenergierecuperatie zorgen in ideale omstandigheden en dus een heel rustige rijstijl voor een puur elektrisch rijbereik van 83 en in de stad zelfs nog wat meer kilometers. Er zijn concurrenten die ondertussen nog beter doen, maar het is hoe dan ook een keurig resultaat. Wie dagelijks niet echt veel kilometers aflegt en ook altijd de mogelijkheid heeft (of de moeite doet) om de batterij via het stroomnet op te laden, zal nauwelijks nog dure benzine nodig hebben.

Geen snelladen
Wij legden tijdens onze testweek ook enkele keren grote(re) afstanden af, dan ging het gemiddelde verbruik natuurlijk wel de hoogte in. Voor een plug-inhybrde aandrijving blijft het dan ook heel moeilijk en vooral een beetje delicaat om een gemiddeld verbruik mee te geven, dat hangt immers enorm af van wat je met zo’n auto allemaal doet. Opel vermeldt een WLTP-verbruik van nog geen 2,5 liter per 100 kilometer, in het “echte leven” zal het voor de meeste bestuurders allicht wel enkele liters hoger uitvallen. Hoe dan ook, de Astra kan zich desgewenst heel zuinig tonen. Snelladen is voor de batterij wel niet mogelijk, voor sommige klanten en vooral veelrijders kan dat een minpuntje lijken.

Correcte prestaties
Met dankzij de wat ‘sterker’ geworden elektromotor (125 pk) en nu een systeemvermogen van 196 pk is de Plug-in Hybrid meer dan ooit de krachtigste Astra. De spurt van 0 naar 100 km/u lukt in een korte 7,7 seconden, zelfs al is dat anno 2026 natuurlijk ook niet echt spectaculair meer. Van het regelmatig omschakelen tussen de elektrische aandrijving en die door de benzinemotor merk je eigenlijk niets, met dank ook aan de voortreffelijke achttrapsautomaat. Zolang de batterij (natuurlijk) niet leeg is, kan je de auto ook ‘opleggen’ om zuiver elektrisch te rijden. Verwacht geen boterzacht comfort, zeker niet als je toevallig net uit een Franse auto van hetzelfde formaat stapt. De Opel compenseert het met enige rijdynamiek, dankzij een best wel strak bochtengedrag en een besturing met toch behoorlijk wat feedback. De Astra stelde voordien ook al niet teleur, met de opwaardering en zelfs de wat grotere en dus onvermijdelijke nog wat zwaardere batterij verandert dat gelukkig niet.

Gewaardeerde mix
Over het interieur hadden we het nog niet echt, maar dat wijzigde dan ook niet of nauwelijks. Het is met een echt wel gewaardeerde mix van nog echte knoppen (voor onder meer de airco) en aanraakfuncties op het net niet te grote infotainmentscherm best wel gebruiksvriendelijk en oogt zowel sober als elegant. Naast eerder zachte en vooral kwalitatief aanvoelende materialen op plaatsen die je het vaakst aanraakt, zijn er hier en daar ook nog wel wat harde plastics gebruikt. Door de onder de koffervloer geplaatste batterij moet de Plug-in Hybrid wel wat laadvolume inleveren, er blijft echter toch nog 516 tot maximaal 1.553 liter van over.

Conclusie
Opel staat nog altijd voor ‘keurig’, zo voelen wij dat toch aan. Verwacht op geen enkel domein echt grote verrassingen, maar dus wel goede of in elk geval correcte scores inzake rijgedrag, comfort en in het geval van de plug-inhybride variant ook energieverbruik. Dat laatste blijft sterk afhankelijk van wat je met de auto allemaal uitricht en vooral ook van hoe vaak je de batterij oplaadt. Maar weet dat het heel zuinig en desgewenst zelfs bijna zonder benzine kan. Met een prijs van 40.600 euro voor de elegante Sports Tourer (en 1.000 euro minder voor de hatchback) is zo’n Plug-in Hybrid zeker geen koopje, voor hetzelfde geld rij je immers ook met de volledig elektrisch aangedreven variant naar huis. Maar ook bij Opel kennen ze natuurlijk ook zoiets als ‘korting’…
- Mooi ontwerp
- Knappe lichttechnologie
- Zuinige plug-inhybride aandrijving
- Prettig rijgedrag
- Grote keuze (ook EV, MHEV en zelfs diesel)
- Geen snelladen voor batterij
- Iets minder comfortabel dan Franse halfbroer
- Kleinere koffer dan andere varianten
- Even duur als EV












