Niet alle nieuwe automerken komen uit China. Een achttal jaar geleden mocht het hippe Cupra zich van Seat afsplitsen, sinsdien wist het dus tweede Spaanse automerk al een fraai gamma uit te bouwen. Tijd voor een stand van zaken, aan zowat de vooravond van de lancering van de veelbelovende Raval. We spraken met Thierry De Vleeschouwer, Managing Director van Cupra in België.
Wat als Cupra Racing ooit begon als de autosportafdeling van het toen nog in de racerij actieve Seat, promoveerde in januari 2018 tot een zelfstandig merk binnen de grote Volkswagen-groep. In de Seat-catalogus stonden er al een tijdje sportieve varianten met Cupra als extra voornaam, ook de eerste modellen van de nieuwe ‘constructeur’ waren nog op auto’s van dat zustermerk gebaseerd. Dat is, voor de volledigheid, vandaag trouwens nog altijd het geval voor de Leon. Maar in september 2020 werd met de Formentor al een eerste ‘unieke’ Cupra gelanceerd en in 2021 volgde met de Born ook het eerste elektrische model. Er kwamen de voorbije jaren ook nog de Terramar en de Tavascan bij, nog dit voorjaar wordt het aanbod verder uitgebreid met de Raval die we hier al eerder uitgebreid voorstelden.

De inschrijvingscijfers voor het eerste kwartaal van dit jaar lieten voor Cupra een nogal sterke daling zien, daarmee hebben we voor Managing Director Thierry De Vleeschouwer meteen een ‘vervelende’ eerste vraag.
Zoals je het zelf aangeeft, het gaat enkel om inschrijvingcijfers en dus al aan de klanten geleverde auto’s. Niet om de bestellingen die we dit jaar al mochten noteren. We zijn 2026 net wel goed gestart, met ook een heel succesvol Brussels autosalon. We verwelkomden heel wat particuliere klanten op onze stand, met vooral belangstelling voor benzinewagens. Er werden heel wat Formentors en Terramars besteld, de Brussels Motor Show was commercieel voor ons echt wel goed. Maar veel van die verkochte auto’s moeten nog worden ingeschreven, die cijfers worden dus zeker wel nog positief.
Voor veel en allicht zelfs zowat alle klanten wordt het dan hun eerste Cupra. Van welke merken komen die mensen vooral?
We stellen vast dat het vooral klanten zijn die vallen voor het design van onze modellen en die ook worden geprikkeld door onze innovaties. Ze hebben tegelijk ook oog voor de goede verhouding tussen prijs en kwaliteit, met vanaf de basisversies al een mooie uitrusting. Natuurlijk is er ook het dynamische aspect van ons nog jonge merk, dat wordt evengoed als heel positief ervaren. Cupra’s worden ook echt wel gekocht door mensen die nog graag met de auto rijden.

Zelfs wat we maar het grote publiek zullen noemen, weet allicht wel dat Cupra deel uitmaakt van de Volkswagen-groep. Hoe leg je ‘snel’ het verschil en ook de eventuele meerwaarde van jullie modellen uit naast precies de auto’s van het moedermerk, van Audi, van Skoda…?
Wel, onder meer met net ons toch wat unieke design. En met het imago van het merk. We noemen ons graag wat meer edgy, we durven als jonger en creatiever merk al eens wat vaker buiten de lijntjes kleuren.
Je had het al over het voor Cupra commerciële succes op het autosalon bij de particulieren en dus vooral voor de benzinemodellen. Maar Cupra heeft ook elektrische auto’s in de catalogus staan, daarmee mikken jullie ongetwijfeld ook en zelfs vooral op de markt van de bedrijfswagens. Lukt het daar ook een beetje?
Het Brusselse autosalon is natuurlijk vooral een evenement voor particuliere klanten, de fleetmarkt trekt altijd vooral erna weer aan. Voor dat soort klanten hebben we al de elektrische Born en Tavascan, maar voor de eerste zitten we met de recente opwaardering van het model net in een overgangsfase. Je kan de vernieuwde variant sinds kort al bestellen, dat begint nu ook wel goed te lopen.
De nog wat compactere Raval maakt deel uit van een groot elektrisch offensief in een nieuw marktsegment met ook verschillende modellen van de zustermerken Skoda, Volkswagen en zelfs Audi op de planning. Maar de Cupra mag deze keer de spits afbijten, hoe belangrijk is zo’n voorsprong?

Qua naambekendheid, waar Cupra als nog relatief jong merk natuurkijk nog wel wat progressie kan maken, is het zeker een voordeel. Er zijn nog altijd heel wat potentiële klanten die ons nog niet kennen. Dat we als eerste mogen uitpakken met een model in een segment waarin we als Volkswagen-groep nog niet eerder actief waren, helpt ons zeker om ons merk nog wat extra te promoten. Daar komt nog bij dat de Cupra- en Seat-fabriek in het Spaanse Martorell ook al die nieuwe compacte elektrische modellen gaat bouwen, we trekken hier echt wel de grote kar.
We hebben vrij lang op kleinere en betaalbaardere elektrische auto’s moeten wachten, nu komen er van tal van merken plots een heleboel tegelijk uit. Hoe groot schat je het commerciële potentieel van dat marktsegment eigenlijk in?
Best wel als heel groot. Ook op de fleetmarkt, waar we toch al vaststelden dat veel mensen aan het wachten waren op compactere en goedkopere elektrische modellen. Maar een auto als de Raval, bescheiden qua afmetingen en prijs en tegelijk toch ruim en functioneel en met een correct rijbereik van 300 tot 450 kilometer, zal zeker ook de vandaag mogelijk nog twijfelende particuliere klanten kunnen overtuigen om eindelijk toch voor een elektrische auto te kiezen.







